Gepubliceerd op
19.05.2019
Auteur
P. Georg Gantioler FSO

Vrijspraak voor P. Hermann Geissler FSO

Mevrouw Doris Reisinger (voordien Wagner), was van 2003 tot 2011 lid van de Geestelijke Familie Het Werk. Zij heeft P. Hermann Geissler FSO er openlijk van beschuldigd haar in de context van de biecht seksueel lastig gevallen te hebben. In een persmededeling van de Heilige Stoel op 29 januari jl. werd bekend gemaakt dat P. Geissler, om die reden, beslist had zijn werk als afdelingshoofd van de Congregatie voor de Geloofsleer te beëindigen. Dit deed hij “om te voorkomen dat er grotere schade zou worden toegebracht aan de Congregatie voor de Geloofsleer en zijn gemeenschap”. Tegelijkertijd bevestigde hij “dat de beschuldiging aan zijn adres onwaar is”; hij waarde hecht aan de “voortzetting van het reeds geïnitieerde kerkrechtelijk proces” en bovendien “juridische stappen” niet uitsluit.

 

 

Bij de kerkelijke rechtszaak ging het om de vraag of er sprake was van het strafbaar feit: aanzet tot een zonde tegen het zesde gebod in de context van de biecht (vgl. Codex van het Kerkelijk Recht, canon 1387). Dit proces werd krachtens pauselijk mandaat niet uitgevoerd door de Congregatie voor de Geloofsleer maar door de Hoogste Rechtbank van de Apostolische Signatuur. Na een vooronderzoek overeenkomstig canon 1717 heeft een college, bestaande uit 5 rechters, geoordeeld dat in de bovengenoemde zaak geen strafbaar feit voorhanden is. Dit werd schriftelijk meegedeeld aan P. Geissler in prot. N. 54121/19 CG en ondertekend door kardinaal Dominique Mamberti, de prefect, en bisschop Giuseppe Sciacca, de secretaris. Hiermee is P. Geissler vrijgesproken.

 

P. Georg Gantioler FSO
Woordvoerder

p.georg@daswerk-fso.org